Opvoeden vanuit verbinding betekent dat je je kind accepteert en waardeert zoals het is, zonder dat het zichzelf hoeft te bewijzen of aan te passen. In plaats van straffen of belonen draait het om het creëren van een veilige en ondersteunende relatie, waarin je kind de ruimte krijgt om zich vrij te ontwikkelen. Grenzen blijven belangrijk, maar worden op een respectvolle en liefdevolle manier gesteld. De band tussen jou en je kind wordt verstevigd, het groeiende zelfvertrouwen en de veerkracht van je kind dragen bij aan een gezonde emotionele ontwikkeling.
Naar ouders leg ik het uit als: ‘eerst connectie, dan correctie’ waarmee de essentie geraakt wordt. Wanneer je niet in verbinding bent met elkaar, kan dit leiden tot frustratie en het gevoel dat je elkaar niet begrijpt. Dan is er eerst herstel nodig om weer met elkaar in verbinding te komen.
Wat helpt om vanuit verbinding op te voeden?
Luister met oprechte aandacht: kinderen willen gehoord en begrepen worden. Door echt met aandacht te luisteren zonder direct te oordelen of een oplossing te bieden, geef je je kind de ruimte om zijn gevoelens te uiten en te verwerken.
Erken emoties: waarbij alle emoties zijn toegestaan – ook boosheid, verdriet of frustratie. Door emoties van je kind te erkennen en er woorden aan te geven, help je je kind om deze te reguleren. Dit betekent niet dat elk gedrag geaccepteerd hoeft te worden, maar wél dat je begrip toont voor de onderliggende gevoelens.
Creëer een veilige basis: zorg voor een stabiele en voorspelbare omgeving waarin je kind zich veilig voelt om zichzelf te zijn. Wanneer je betrouwbaar en emotioneel beschikbaar bent, geef je je kind het vertrouwen dat het op jou kan rekenen, ongeacht de situatie.
Gebruik positieve communicatie: vermijd negatieve communicatie (woordje ‘niet’) en focus op wat wél kan. In plaats van: ‘Als je nu niet opschiet, komen we weer te laat! Je doet ook altijd zo langzaam’ kun je zeggen: ‘We moeten over tien minuten vertrekken. Wat doe je eerst: tas pakken of schoenen aan?’
Liefdevolle grenzen: grenzen geven houvast, maar kunnen op een respectvolle en begripvolle manier worden gesteld. Wanneer je uitlegt waarom een grens nodig is en tegelijkertijd rekening houdt met de gevoelens en behoefte van je kind, blijft de verbinding behouden. Bijvoorbeeld: ‘Ik begrijp dat je liever nog even op je tablet wilt blijven, maar het is tijd om te stoppen. Wil je het nu afsluiten of heb je nog vijf minuten nodig om je spel af te ronden?’ Zo geef je een duidelijke grens aan vanuit een begripvolle houding.